Buffalo Tom - Skins - Recensie
 |
|
4.0 |
Wie vandaag de dag de naam Bill Janovitz googlet, komt eerst op een site met de titel Part Time Man Of Rock en een stuk of zes hits lager op de site van onroerend goed makelaar Bill Janovitz. Het blijkt om dezelfde persoon te gaan. En bij alle bezwaren die je tegen de Verenigde Staten kunt hebben, is dat toch een aardig aspect van de klasseloze samenleving. Buffalo Tom, Janovitz’ rockband, maakte eind jaren tachtig weerbarstige gitaarrock in de slipstream van onder meer Hüsker Dü en vooral Dinosaur jr. Let Me Come Over uit 1992 was een door de ziel snijdend mooi rockalbum, waarna het met iedere plaat wat minder werd en het in 1998 afgelopen leek met de groep. Vier jaar geleden volgde de comeback, maar met Skins is het pas goed raak. Dertien gitaar-bas-drums-liedjes en er zit geen slecht nummer bij. Sterker nog: iedere song is in de roos. Geen krampachtig moeten, maar oorstrelende melancholie van een parttime rocker die weet dat hij een rationele keus heeft gemaakt. Maar ook dat blijkt te kunnen ontroeren.
|
|
|