Bright Eyes - The People’s Key - Recensie
 |
|
3.0 |
The People’s Key zou het laatste Bright Eyes-album worden, luidde de aankondiging voor de release. Hoe serieus we die melding moeten nemen, is inmiddels echter onzeker. Wel is de band rond singer-songwriter Conor Oberst op The People’s Key duidelijk op zoektocht. Na zes albums met Obersts eigen variatie op Americana, horen we nu een basis van rock en eighties-pop. Hier vinden we in de vorm van Shell Games en Jejune Stars dan ook de meest catchy en toegankelijke Bright Eyes-songs ooit. Verrassend dus, maar vanwege Obersts karakteristieke stem en de terugkeer van spoken word begeleiding geen stijlrevolutie. De hierdoor onvermijdelijke vergelijking met hun eerdere klassiekers tempert het aanvankelijke enthousiasme. De emotioneel beladen stem van Oberst komt in de nieuwe popomlijsting minder goed tot zijn recht, waardoor The People’s Key oppervlakkiger overkomt dan veel van zijn voorgangers. Veelzeggend is dat Ladder Song het onbetwiste hoogtepunt is: een song die juist de sfeer van het prachtige vorige album Cassadaga ademt.
|
|
|